Wat vs Waarom

FOUR12 GLOBAL / 22 FEBRUARI 2017 / ARTIKELEN, SHAUN BRAUTESETH

Door Shaun Brauteseth

De lichten dimmen. Er hangt een nerveuze sfeer. De mensen op het podium staan klaar, wachtend. Ze raken hun instrumenten aan en wiegen heen en weer op hun voeten, klaar voor het signaal. Vooraan kijken mensen naar hen op. Een jong meisje stapt naar voren naar de microfoon en begint te zingen terwijl achter haar een kickdrum dreunt. Even later is de band met volle kracht het refrein in gerold, terwijl het publiek elk woord naar hen terug roept, de armen in de lucht, op en neer springend.

Dat zou een aanbiddingssessie kunnen zijn in een normale Westerse kerkbijeenkomst, maar het zou ook een arena concert kunnen zijn. Het kan een zondagochtend of een zaterdagavond zijn. Aan de oppervlakte is aanbidding de enige activiteit die we samen doen en die een bijna exacte parallel heeft met iets buiten de kerk. Denk er maar eens over na – preken, bidden, diensttijden, Bijbelstudie; ze zijn niet gemakkelijk te kopiëren in een andere context. Maar de populaire cultuur zit vol met concerten die er hetzelfde uitzien, hetzelfde aanvoelen, dezelfde emoties hebben, dezelfde sfeer. En als we niet oppassen, kunnen we de uiterlijke verschijning van onze aanbidding omarmen als succesvol omdat het eruit ziet en aanvoelt als een concert. Simpel gezegd, de uitvoering van onze aanbidding – de stijl, de sfeer, de uitvoering, de opwinding – is ons ‘wat’. Als ik tijdens een aanbiddingssessie uit mijn dak ga, dan is dat gewoon wat ik doe; je zou me naar het podium van een Justin Bieber concert kunnen brengen en ik zou er zo tussen passen. Als ik aanbidding leid en iedereen een reactie geeft, dan is dat gewoon wat ik doe; iedereen met een microfoon kan dat doen. En omdat de gezamenlijke aanbidding zoveel gelijkenissen heeft met wereldse concerten, kunnen we het gaan afmeten aan het ‘wat’. Het kan de hoofdzaak worden. We kunnen onszelf vinden in het vieren van het feit dat we aan het vieren zijn. Opgewonden zijn over het feit dat we opgewonden zijn.

Maar elk ‘wat’ moet altijd een ‘waarom’ hebben – iets dat het voortdurend voedt. Elke persoon die juicht, zijn handen in de lucht steekt of springt van vreugde heeft een reden nodig, een begrip, een vernieuwde geest. Het feit dat God goed is of dat Jezus van ons houdt is een prachtige waarheid, maar we hebben een zo volledig mogelijk beeld nodig. We hebben “de hele raad van God” nodig, zoals Paulus het noemde toen hij sprak tot de oudsten van Efeze in Handelingen 20:27.

We hebben een volledig ontwikkeld ‘waarom’ nodig. Als we dat hebben, kunnen onze uiterlijke daden lijken op een rockconcert, maar onze innerlijke beweegredenen zullen het anders maken. Wat ik zo mooi vind aan Paulus is dat hij het als voorbeeld stelde. Ik heb geen beter voorbeeld gevonden dan zijn spontane uitbarsting in Romeinen 11:33-36. Het dringt zich op om met luide stem voorgelezen te worden, waar Paulus zijn eigen brief onderbreekt om eenvoudig God te loven, en daarbij Jesaja en Job aanhaalt. Zijn vriend Tertius was aan het schrijven, en hij bleef maar schrijven terwijl Paulus zong of schreeuwde of weende, of hoe hij het ook deed: “O, de diepte van de rijkdom der wijsheid en der kennis Gods! Hoe onnaspeurlijk zijn Zijn oordelen, en Zijn wegen onnaspeurlijk! Wie heeft de gedachten des Heren gekend? Of wie is Zijn raadgever geweest? Wie heeft ooit aan God gegeven, opdat God hem zou vergelden? Want van Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid tot in eeuwigheid! Amen.”

Ik houd ervan omdat het een pure lofzang is. Paulus heeft echt ontzag voor God. Deze man die de arrestatie en moord op christenen goedkeurde, heeft Gods genade ontvangen en kan zich niet inhouden lof en genegenheid uit te storten. Het is spontaan, maar niet zonder een context; het komt op de plaats van duizenden woorden en gedachten over God. Zijn aanbidding is zijn ‘wat’, maar het is opgevoerd door zijn ‘waarom’. Denk aan alles wat Paulus zojuist aan de gemeente in Rome heeft geschreven: De toorn van God tegen de zonde, Gods volmaakte oordeel, de gevallen staat van ieder mens, zonder uitzondering. Plotseling slaat hij een scherpe bocht naar links in het concept van gerechtvaardigd worden door geloof. Wat? Ja, door geloof! Het is Abraham overkomen, zegt hij, en het kan ons ook overkomen. We krijgen vrede met God, en in feite krijgen we meer dan we verloren toen Adam zondigde. Meen je dat nou? Ja, zegt Paulus – we waren eens dood, maar nu zijn we levend, en ook weer dood op een andere manier. Dood voor de zonde! Dood voor de dood! Het is zinloos om te proberen het zelf te doen, zegt hij. Het zal nooit lukken! Nee, we stellen ons vertrouwen in Jezus en leven op een nieuwe manier – de manier van de Geest. En in de Geest hebben we volledige zekerheid! We hoeven nooit bang te zijn; we hoeven alleen maar te blijven leven door de Geest. Als we dat doen, zal niets ons scheiden van de liefde van God! Niets!!! Maar wacht even, zegt hij. Hoe zit het met de Joden? Hoe zit het met Israël? Zijn zij afgescheiden? Ze hebben ervoor gekozen niet te geloven, en tenzij ze geloven, kunnen ze niet gered worden. Maar God houdt van hen en heeft hen uitverkoren, en zij zullen tot geloof komen, zegt hij. God is nog niet klaar met hen.

Paulus doet dan een uitspraak in Romeinen 11:32 die hem op weg stuurt naar zijn spontane aanbiddingssessie: “Want God heeft alle mensen overgeleverd aan ongehoorzaamheid, opdat Hij Zich over hen allen zou ontfermen.” Met andere woorden, God stond toe dat de zonde in de wereld kwam, zodat Hij Zijn ongelooflijke genade kon tonen!!! Zie je waarom Paulus zijn brief onderbreekt om God te loven? Wil jij dat ook niet? Dat moment is het ‘wat’, maar het staat allemaal op de schouders van Paulus’ ‘waarom’. Zijn hart en geest waren doordrenkt van de hele raad van God – de heiligheid, de toorn, het oordeel, de barmhartigheid, de genade, zijn eigen zondigheid en Gods grote liefde. Hij droeg het met zich mee. Het was niet een oppervlakkige, enkele gedachte of een vage emotie, maar een begrip van de aard van God, de aard van de mens, en het kruis waar Gods rechtvaardigheid en Zijn barmhartigheid elkaar kruisten. Hij droeg voortdurend de hele raad van God met zich mee.

Wij hebben dit nodig. Het zal onze aanbidding de juiste reden geven. En dan maakt het niet uit hoe het eruit ziet, of hoe groot onze geluids- en lichtinstallaties zijn, of dat we ons kleden als hipsters of niet. We zullen springen en roepen en knielen en wenen, maar het zal geen hype zijn.

We hoeven het moment niet te maken. We zullen het niet alleen doen omdat we dat doen, maar omdat we niet anders kunnen. Het ‘waarom’ in ons zal de elektriciteit zijn, de sfeer, de vonk, het ding. Alles wat zal tellen zal de grootheid van onze God zijn, en we zullen Hem aanbidden zoals we altijd bedoeld zijn geweest.


OVER DE AUTEUR
Shaun speelde punk rock voor de kost, werkte daarna voor een kippenfirma en schreef daarna voor reclames. Nu is hij een van de full-time voorgangers in Oxygen Life Church. Hij heeft een lieve vrouw, Sammy Jane, en ze hebben een dochter, Gracie. Je kunt hem volgen op Facebook.